7 ergernissen die iedere rechtenstudent herkent

Zware wetbundels, luie groepsgenoten of trage scriptiebegeleiders. Soms is rechten studeren best zwaar… Vandaag delen we daarom 7 ergernissen die jij als rechtenstudent wel eens ervaart!

1. Voor vrienden en familie verander je in een gratis adviesbureau
Je hebt het misschien weer ervaren afgelopen kerst, want iedereen maakt maar al te graag gebruik van jouw vergaarde juridische kennis. Of je nu advies moet geven over die ene vervelende buurman met zijn te grote schuurtje, een arbeidsovereenkomst na moet kijken of iemand onder een verkeersboete uit moet proberen te helpen, je lijkt voor vrienden en familie veranderd te zijn in een gratis adviesbureau! En eerlijk is eerlijk, vaak weet je het antwoord niet precies.

2. Je hebt altijd wel een deadline
Vakantie? Wat is dat? Dat je geen onderwijs hebt, betekent niet meteen dat je vrij bent, want als je rechten studeert, dan is er altijd wel een deadline, óf in de vorm van een tentamen óf een paper. Echt vakantie, heb je dus eigenlijk nooit.

3. ‘Oh, dus je wordt advocaat?’
Als rechtenstudent krijg je te maken met vooroordelen in allerlei geuren en kleuren. Als je mensen vertelt dat je rechten studeert, zullen ze er vaak vanuit gaan dat je dus advocaat gaat worden. Vaak wordt even vergeten dat naast de togaberoepen van rechter, Officier van Justitie of advocaat, er nog een heleboel andere mogelijke banen zijn binnen de wereld van het recht.

4. De wet verandert continu
Druk bezig met het bestuderen van het Wetboek van Strafvordering? Over een tijdje heb je er niks meer aan als je precies hebt onthouden wat in welk artikel staat, want deze wet gaat binnenkort op de schop. Of het nu het toevoegen is van een extra lid, het hernummeren van artikelen of het schrappen van een hele wet, als je rechten studeert leer je helaas soms dingen die later niet meer van toepassing zijn.

5. Je bent altijd aan het slepen met je wettenbundels
Naar je tentamen neem je toch voor de zekerheid maar alle drie de delen van je wettenbundels mee, ook al weet je dat je ze niet allemaal nodig hebt en ook naar iedere onderwijsgroep neem je toch je bundel maar weer mee. Inmiddels heb je jezelf dus al een flinke hernia gesleept. Toch doe je het iedere keer weer, want je weet maar nooit, toch?

6. ”Rechten, dat is toch heel saai?!”
Nog een klassiek voorbeeld van een vooroordeel over de rechtenstudie, want rechten is toch heel saai? Op een of andere manier krijg je mensen nooit helemaal uitgelegd dat rechten allesbehalve saai is maar juist enerverend omdat het constant verandert. Oh, en dat rechten niet alleen strafrecht is, maar nog veel meer rechtsgebieden kent, lijkt ook niemand te begrijpen…

7. Bronvermelding
Bronvermelding. Dat zegt eigenlijk al genoeg. Want hoe zat het ook alweer met die Leidraad, waar moest nou die komma staan en wanneer was het een punt? Moest het nou dik gedrukt of toch cursief? ‘Ach, de literatuurlijst, die doe ik wel als ik eenmaal klaar ben’.