Topadvocaat beschuldigd van onder druk zetten kroongetuige

Topadvocaat Nico Meijering zou geprobeerd hebben om een zeer belangrijke getuige in een liquidatieproces te overtuigen om geen kroongetuige te worden. Dit heeft de getuige zelf aan de politie verklaard. Meijering ontkent de beschuldiging stellig.

Tony de G. is de kroongetuige in het proces tegen Caloh Wagoh, een motorclub die verantwoordelijk zou zijn voor meerdere liquidaties. Een deel van deze liquidaties zijn waarschijnlijk bevolen door Ridouan Taghi, die tot zijn arrestatie in Dubai in december 2019 de meest gezochte crimineel van Nederland was.

Beschuldiging

De G. heeft als volgt verklaard. Greg Remmers, een bekende Amsterdamse crimineel die een belangrijke positie inneemt in de motorbende Caloh Wagoh en die vreesde dat de G. de rol van  kroongetuige op zich zou gaan nemen, heeft Meijering benaderd. Als reactie hierop zou Meijering contact hebben gezocht met ene M.S., die in dezelfde gevangenis als de G. verblijft. Meijering zou M.S. daaropvolgend de opdracht hebben gegeven om de G. onder druk te zetten, zodat hij zou besluiten om af te zien van het zijn van kroongetuige. Hetgeen in het gesprek tussen de G. en M.S. gezegd is, zou M.S. vervolgens hebben teruggekoppeld aan Meijering.

Reactie kantoorgenoot Meijering

De verklaring die de G. heeft afgelegd, is toegevoegd aan het dossier van Caloh Wagoh en heeft hierdoor de nodige frictie veroorzaakt. Zo verklaart Christian Flokstra, een woedende kantoorgenoot van Meijering, het volgende: “we zien dit als een doelbewuste poging van het OM om Meijering in de schijnwerpers te zetten als criminele partij in een zeer gevoelige kwestie, met alle gevaarzetting van dien.” Ook beschrijft Flokstra de toevoeging van de verklaring aan het dossier als “een ongekende verharding vanuit het OM richting een advocaat in een strafproces”.

De beschuldiging van de G. omschrijft Flokstra voorts als absurd. “Dit is een doorzichtige leugen, alleen al om het feit dat een advocaat zich wel heel kwetsbaar zou maken door op deze wijze zich te melden bij een veronderstelde kroongetuige”, aldus de kantoorgenoot.

Reactie politie en justitie

Uit een mailwisseling tussen de officier van justitie en Remmers’ advocaat is gebleken dat een reactie van politie en justitie vooralsnog is uitgebleven. Noch het OM noch de recherche heeft de beschuldiging van de G. verder onderzocht en de politie heeft ook nog geen andere personen verhoord. Wél heeft de officier van justitie reeds excuses gemaakt voor het toevoegen van de verklaring aan het dossier van de motorbende, maar beweert dit te hebben gedaan om volledige transparantie na te streven.

“Het is nooit gebeurd en het zal nooit gebeuren. Het OM heeft ook geen aanleiding gezien om de verklaring nader te onderzoeken, terwijl deze al een jaar geleden is afgelegd”, vertelt Flokstra ten slotte.