OM niet-ontvankelijk in proefprocessen fraudeurs

De rechtbank in Dordrecht verklaarde het OM niet-ontvankelijk in proefprocessen tegen drie verdachte fraudeurs. Verzekeraars deden detectivewerk naar de vermoedelijke daders, maar dit onderzoek werd onvoldoende geacht voor het starten van een strafproces.

Fraude met betrekking tot verzekeringen is een groot probleem. Door het tekort aan personeel bij de politie blijven er veel fraudezaken liggen. Ook krijgen geweldsdelicten vaak voorrang. Er wordt door de politie dus te weinig onderzoek gedaan volgens het Openbaar Ministerie. Het besloot daarom tot een andere aanpak en startte de proefprocessen op basis van onderzoek van de verzekeraars zelf.

De rechter in Dordrecht besloot echter dat het detectivewerk niet voldoende was om een strafproces te beginnen. Het vonnis benadrukte dat de rechtbank niet aan een inhoudelijk waardeoordeel van de onderzoeken toekwam: “Het belang van fraudebestrijding is groot. Voor verzekeraars én verzekerden. Maar de manier waarop het onderzoek verlopen is, past niet binnen de kaders van de wet.”

De fraudezaak

Een van de fraudezaken ging over een man uit Den Haag die van 2014 tot en met 2016 na een aanrijding vervalste nota’s en facturen zou hebben ingediend. De man ontkende echter en was het eens met het oordeel van de rechters. De man zou alleen een verhoor hebben gehad bij de politie nadat verzekeraar Allianz een compleet dossier bij het OM had ingeleverd.

Door de uitspraak in het eerste proefproces werd het OM automatisch ook in de andere processen niet-ontvankelijk verklaard. Toch is hiermee de zaak nog niet afgedaan volgens officier van justitie Petra Willemsen. Het OM kan in hoger beroep tegen het vonnis starten met een nieuw politieonderzoek of wetgeving aan laten passen, zodat detectives van verzekeringsmaatschappijen voortaan worden aangemerkt als opsporingsinstantie. Voor nu laat het OM de zaak bezinken.