ECLI:NL:RBROT:2020:8979 (Voorbereiding terroristische aanslag)

Rb. Rotterdam, 8 oktober 2020, voorbereiding terroristische aanslag.
(ECLI:NL:RBROT:2020:8979)

Essentie

Zes mannen zijn op 8 oktober jl. veroordeeld voor celstraffen tussen 10 en 17 jaar, wegens voorbereiding van een terroristische aanslag op burgers en politie in Nederland. Deze aanslag zou bestaan uit het door de daders indringen van een festival, waarbij met Kalasjnikovs wordt ingeschoten op de festivalgangers . De daders waren voornemens door middel van bomvesten zelfmoord te plegen als de politie zou komen.

Rechtsregel

Zijn de eisen van de Officieren van Justitie voor een gevangenisstraf van 18 jaar gepast, kijkend naar de ernst van de gepleegde feiten van de daders? De rechtbank stemt in met het oordeel van de Officieren van Justitie dat er geen reden is om af te wijken van hun eis. De grote hoeveelheid extremistisch gedachtegoed van de verdachten is daarbij meegenomen, alsook de fase van voorbereiding waarin de verdachten zich begaven waarbij geen enkele blijk van twijfel te bevinden was.

Inhoud

In 2018 heeft de AIVD vernomen dat de hoofdverdachte samen met een groep personen voornemens was een grote terroristische aanslag te organiseren in Nederland, tegen zowel burgers als de politie. De hoofdverdachte was op zoek naar de betreffende middelen benodigd om de aanslag te plegen, voornamelijk iemand die hier in kon faciliteren. Onder de naam 26Orem startte de AIVD een opsporingsonderzoek. Van belang is onder andere dat de AIVD de verdachte heeft beïnvloed door hem te steunen en aan te moedigen in hun digitale correspondentie met de verdachte. De rechtbank besluit dat er geen sprake is van aanstoot geven door de AIVD in deze zaak, wel had de AIVD eerder moeten stoppen met hun praktijken binnen het onderzoek op het moment dat ze de politie-infiltrant hadden ingezet. Door de grote hoeveelheid extremistisch gedachtegoed wat de verdachten tussen elkaar in bezit hadden, zo ook de ver gevorderde voorbereidende fase van de terroristische aanslag waarbij nog steeds geen blijk was van twijfel was vastgesteld, menen de Officieren van Justitie dat er geen reden is waarom de rechtbank zou afwijken van hun eis. De rechtbank stemt hiermee in, en veroordeelt de verdachten voor gevangenisstraffen tussen 10 en 17 jaar. Ook legt de rechtbank een maatregel op om de veroordeelde personen naast hun gevangenisstraf onder toezicht te houden, teneinde mogelijke toekomstige terroristische aanslagen vanuit de veroordeelde personen te voorkomen.