ECLI:NL:RBROT:2019:3648 (Nederlandstalige radiozender)

Rechtbank Rotterdam, 9 mei 2018 (Nederlandstalige radiozender
(ECLI:NL:RBROT:2019:3648)

Essentie
Aan een Nederlandstalige commerciële radio-omroep (eiseres) is tweemaal een last onder dwangsom opgelegd omdat zij te weinig Nederlandstalige muziek en te weinig recente muziek zou uitzenden. Agentschap Telecom (verweerder) stelt dat de eerste en laatste 10 seconden (intro en outro) van het nummer volledig meegeteld moeten worden als ‘’muziek’’.

Rechtsregel
Naar aanleiding van een handhavingsverzoek is een toezichthouder van verweerder een onderzoek gestart om vast te stellen of eiseres zich aan de vergunningsvoorschriften houdt. Niet in geschil is dat eiseres de overtreding is begaan. Partijen worden het niet eens over waar eiseres aan moet voldoen wanneer zij de overtreding opnieuw begaat. Meningsverschil bestaat over de vragen of de periode van spraak tijdens de intro’s en outro’s meegeteld moet worden als muziek, of de Nederlandstalige jingles als muziek zijn aan te merken en wat onder recente muziek moet worden verstaan.

Inhoud uitspraak
Eiseres zendt een landelijk commercieel radioprogramma uit. Een vergunning is aan haar verleend. De vergunningsvoorschriften die van belang zijn luiden als volgt:
“Artikel 4. Programmatische voorschriften

De vergunninghouder is verplicht de vergunning te gebruiken voor het uitzenden van een radioprogramma voor landelijke commerciële radio-omroep:
a. dat tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 70 procent Nederlandstalige muziek bevat;
b. dat tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 20 procent muziek, andere dan bedoeld in onderdeel a, van Europese producties bevat;
c. dat tussen 07.00 uur en 19.00 uur ten minste 45 procent muziek als bedoeld in onderdeel a of b bevat van muziekproducties die niet langer dan één jaar geleden zijn uitgebracht.’’

Naar aanleiding van het onderzoek is door de toezichthouder vastgesteld dat de verhouding 67 / 36 bedroeg in plaats van de gewenste 70 / 30 en het percentage van de recente muziek 25 procent in plaats van de gewenste 45 procent.
Verweerder heeft in het bestreden besluit vastgesteld dat eiseres de vergunningsvoorschriften heeft overtreden. Vervolgens zijn twee lasten opgelegd om herhaling te voorkomen.

De rechtbank bepaalt dat het vast staat dat er sprake is van overtreding, los van de juistheid van de nadere motivering in bestreden besluit. Rechtbank is van oordeel dat de lastoplegging niet in strijd is met de rechtszekerheid en dat verweerder in redelijkheid gebruik heeft kunnen maken van zijn bevoegdheid tot lastoplegging.
Het is van groot belang dat verweerder handhavend optreedt tegen het niet-naleven van vergunningvoorschriften. Hiervoor wijst de rechtbank er op dat een concurrent heeft verzocht om handhaving. Eiseres heeft in het verleden zelf ook handhavingsverzoeken ingediend tegen regionale concurrenten. Evenmin kan uit de bereidheid van eiseres om mee te werken aan het onderzoek en hercontrole, noch uit volgens eiseres geringe overschrijding van de voorgeschreven percentages worden afgeleid dat sprake is van concreet zicht op legalisatie.
De rechtbank vernietigt in dit geval het besluit en verweerder dient een hercontrole uit te voeren.