ECLI:NL:RBNHO:2022:338 (ontslag op staande voet terecht?)

Rechtbank Noord-Holland, 18 januari 2022, ontslag op staande voet wegens structureel te laat komen
(ECLI:NL:RBNHO:2022:338)

Essentie

In dit vonnis wordt de vraag gesteld of structureel te laat op je werk verschijnen een rechtsgeldige reden is voor ontslag op staande voet. De werknemer heeft na zijn ontslag verzocht om een transitievergoeding, een billijke vergoeding en uitbetaling van achterstallig salaris. Beoordeeld moet worden of werknemer hier aanspraak op maakt. Werknemer voert aan dat het structureel te laat op werk komen geen rechtsgeldige reden is voor ontslag op staande voet. Daarom zou hij ook nog aanspraak maken op een gefixeerde schadevergoeding.

Rechtsregel

In de wet wordt ontslag op staande voet geregeld in artikel 7:677 BW. Dit is enkel mogelijk indien sprake is van een dringende reden tot ontslag. Daarbij moet onverwijld worden opgezegd en moet de dringende reden onverwijld worden medegedeeld aan de werknemer. Dit betekent dat aan de werknemer onmiddellijk de reden van ontslag wordt medegedeeld, zodat geen onduidelijkheid bestaat over waarom hij ontslagen wordt. Later in de wet staat een aantal voorbeelden genoemd van dringende redenen. Artikel 7:678 lid 2 sub k is relevant. Hier wordt als dringende reden voor ontslag op staande voet genoemd dat werknemer grovelijk de plichten veronachtzaamt die de arbeidsovereenkomst hem oplegt.

Inhoud

Bij de beoordeling of sprake is van een dringende reden moeten alle omstandigheden van het geval in aanmerking worden genomen. Gekeken moet worden naar de aard en ernst van de dringende reden, de duur van de dienstbetrekking en de persoonlijke omstandigheden van de werknemer. Ten slotte wegen ook de gevolgen van het ontslag voor de werknemer mee in de beoordeling. Dit laatste doet echter niets af aan het feit dat een ontslag tóch rechtsgeldig kan zijn.

Werkgever in deze zaak heeft werknemer op staande voet ontslagen omdat hij structureel te laat op zijn werk verscheen. Hij is in een periode van ongeveer een halfjaar minimaal twaalf keer te laat geweest. Werkgever heeft het dan niet over een overschrijding van enkele minuten, maar vaak een halfuur of zelfs een uur. Daarbij heeft werkgever de werknemer diverse waarschuwingen gegeven over zijn gedrag, maar dit haalde niets uit. De rechter oordeelt dat deze twee factoren tezamen werkgever genoeg reden hebben gegeven om tot ontslag op staande voet over te gaan. Daarbij is het ontslag onverwijld aan werknemer medegedeeld de dag nadat hij tweeëneenhalf uur te laat op zijn werk verscheen. Het ontslag is dus rechtsgeldig.

Conclusie

Het verzoek van werknemer om een billijke vergoeding en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging wordt afgewezen, omdat terecht sprake is van ontslag op staande voet. Volgens de rechter heeft de werknemer eveneens geen recht op een transitievergoeding omdat de feiten en omstandigheden die geleid hebben tot zijn ontslag als ernstig verwijtbaar moeten worden aangemerkt. Ten slotte wordt ook het verzoek om uitbetaling van achterstallig salaris afgewezen.