ECLI:NL:RBDHA:2020:11790 (verkrachter in Leiden 4 jaar celstraf)

Rb. Den Haag, 20 november 2020, verkrachter in Leiden vier jaar celstraf
(ECLI:NL:RBDHA:2020:11790)

Essentie

Op 20 november jl. heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan over de verkrachter die vorig academisch jaar Leiden terroriseerde. Menig weldenkende vrouwelijke student liet zich chaperonneren wanneer de avond aanbrak door de daden van de 22-jarige man, hetgeen vrijwel tot de Covid-uitbraak usance was in de binnenstad van Leiden. De man werd verdacht van twee verkrachtingen van twee jonge vrouwen, zo ook de aanranding van een derde vrouw.

Rechtsregel

De vraag of de man gezien zijn leeftijd berecht moest worden volgens het jeugdstrafrecht was een prangend vraagstuk voor de meervoudige kamer, die uiteindelijk tot de conclusie kwam dat het berechten van de verdachte krachtens het volwassenenstrafrecht de meest gepaste keuze was. De deskundige die bij het onderzoek betrokken was constateerde dat er geen sprake was van een persoonlijkheidsstoornis bij de man. Dit leidde ertoe dat de rechtbank ook geen aanleiding zag om de feiten van de verdachte in mindere mate toe te rekenen krachtens het jeugdstrafrecht, hetgeen wel was geadviseerd in eerste instantie.

Inhoud

Vorig academisch jaar heeft een man in de binnenstad van Leiden twee vrouwen verkracht, alsmede een derde vrouw aangerand. De 22-jarig verdachte verklaarde de drie vrouwen wel degelijk te hebben ontmoet, echter ontkent hij hetgeen waarvan hij wordt verdacht. Op grond van het DNA van verdachte dat bij de twee vrouwen is aangetroffen en foto’s op zijn telefoon van deze vrouwen, acht de rechtbank de feiten waarvan de jongeman verdacht werd bewezen. Wat volgens de rechtbank extra zwaar weegt is de berekenendheid waarmee verdachte te werk ging in de selectie van zijn slachtoffer. Hij zocht namelijk vrouwen uit die in de nacht over straat liepen en zichtbaar onder invloed waren van een aanzienlijke hoeveelheid alcohol. Zeer kwetsbare personen dus. Mede door de grote onrust en onveiligheid die zijn gedragingen in Leiden teweeg hebben gebracht veroordeelt de rechtbank de man tot vijf jaar celstraf waarvan een jaar voorwaardelijk met een proeftijd van vijf jaar. Tevens moet hij aan een van de slachtoffers een schadevergoeding betalen, moet hij zich laten behandelen, heeft hij een contactverbod tegenover de slachtoffers en mag hij niet meer in de binnenstad van Leiden komen.