ECLI:NL:RBAMS:2019:4555 (Willem Holleeder)

Rechtbank Amsterdam, 4 juli 2019, Willem Holleeder
(ECLI:NL:RBAMS:2019:4555)

Essentie
Willem Holleeder staat terecht voor het uitlokken van een zestal aanslagen tussen 2002 en 2006. Bij die aanslagen werden vijf moorden, doodslag en een poging tot moord gepleegd en werd aan een slachtoffer zwaar lichamelijk letsel toegebracht. Er wordt hem verweten dat hij anderen heeft uitgelokt om moordaanslagen te plegen door hen middelen, geld en inlichtingen te beloven en te geven. Op basis van verklaringen van getuigen over concrete gebeurtenissen die zij met Holleeder hebben meegemaakt, dan wel in relatie tot hem, is vastgesteld door de rechtbank dat hij uitlokker is van de moordaanslagen.

Rechtsregel
Voor de rechtbank rijst de vraag of de verklaringen van de getuigen uit het onderzoek bruikbaar zijn voor het bewijs en in samenhang met andere onderzoeksresultaten kunnen dienen tot bewijs van de aan Holleeder ten laste gelegde feiten. In een aantal onderzoeken is naast getuigenbewijs ook technisch bewijs voorhanden. Het onderzoek Vandros bevat voor de beantwoording van de vraag of Holleeder opdrachtgever is van de hem verweten moorden nauwelijks ander bewijs dan getuigenbewijs. De rechtbank heeft de taak die getuigenverklaringen, die wijzen naar hem als opdrachtgever van de moorden, te toetsen op hun betrouwbaarheid en bewijskracht.

Inhoud vonnis
In het proces Vandros draait het om moorden die meer dan 13 jaar geleden gepleegd zijn, de rechtbank vindt het echter niet minder dringend dat de daders daarvan worden opgespoord en berecht.  De rechtbank benadrukt echter wel dat de invloed van de media en de pers geen invloed heeft gehad op het onderzoek ter terechtzitting.

De rechtbank merkt op dat in de verschillende dossiers van de moorden hetzelfde moordpatroon naar voren komt. De personen die de moorden plegen doen dit voor geld en in opdracht van anderen. De opdrachtgever blijft zo ver mogelijk uit beeld van de uitvoerder. Voor justitie en de omgeving van het slachtoffer wil de opdrachtgever compleet uit beeld blijven. Het gevolg hiervan is dat er niet veel direct bewijs is, maar als er wel bewijs is weegt dit zwaar. Voor de rechtbank is het duidelijk geworden dat in het milieu van zware georganiseerde criminaliteit voor alle deelnemers het eigen financiële belang en het verkrijgen en behouden van macht eerst komt.

In het onderzoek Vandros zijn een aantal geluidsopnames naar voren gekomen. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit verklaringen en observaties dat Holleeder naar behoefte contacten legde met misdaadjournalisten, waarbij opvalt dat dit meer dan eens direct na belangrijke gebeurtenissen in het criminele milieu was. Gezien deze manier van omgaan met misdaadjournalisten, kan de rechtbank niet anders dan voorbij gaan aan het pleidooi van de verdediging om bij de beoordeling van de strafzaak tegen Holleeder af te gaan op wat journalisten schrijven over hem en het criminele milieu waar hij in verkeerde, of waarmee de slachtoffers in deze zaak te maken hadden.

Angst is een zeer zwaarwegende factor in het proces. In vele verklaringen van de getuigen komt doodsangst naar voren. Daar waar de verdediging heeft gesteld dat de verklaringen onbetrouwbaar moeten worden geacht, omdat zij worden afgelegd uit eigenbelang, kan de rechtbank er niet omheen dat deze getuigen, vanwege de inhoud van hun verklaringen, terecht bang zijn dat door samen te werken met justitie hun leven op het spel komt te staan. Het is een feit dat meerdere slachtoffers uit het dossier, voorafgaand aan hun dood, contact hadden met de politie.

Kroongetuigen zijn twee getuigen die zelf deel uitmaakten van de criminele onderwereld, maar die in ruil voor toezeggingen en getuigenbeschermingsmaatregelen verklaringen afleggen over verdachte. Er is onderzocht of deze verklaringen betrouwbaar genoeg zijn om als bewijsmateriaal te fungeren. De rechtbank acht deze betrouwbaar.

Ook zijn de zussen en de ex-partner van Holleeder gehoord. Volgens Holleeder zelf bevatten de verklaringen van hiervoor genoemde personen leugens en zijn deze verteld uit eigen belang. De rechtbank is echter niet van oordeel dat de verklaringen van de zussen niet geloofd zouden moeten worden. Er zijn geen aanwijzingen gevonden dat de zussen over het losgeld dat verkregen is met de Heinekenontvoering konden beschikken. Uit het onderzoek blijkt dat de zussen hun hele leven in angst hebben geleefd en het contact met hun broer als knellend hebben ervaren. Dit blijkt onder andere uit de geluidsopnames die gemaakt zijn door de zussen. Dit beeld past bij de verklaringen. De rechtbank vindt het niet aannemelijk dat de verklaringen gelogen zijn.

Daarnaast heeft de rechtbank geen bewijs gevonden dat de verklaringen van Holleeder zijn ex-partner gelogen zouden zijn. Er is ook geen onderbouwing aangetroffen dat deze verklaringen op elkaar zijn afgestemd of zijn overgenomen uit andere dossiers door de rechtbank. Wat tevens aan de betrouwbaarheid bijdraagt is dat de zussen zijn gaan verklaren voordat er opnames gemaakt zijn. Door dit alles worden de verklaringen van de zussen en ex-partner van Holleeder betrouwbaar geacht door de rechtbank en daarmee bruikbaar voor de bewijsvoering.

Holleeder heeft zelf verklaard dat hij wel omging met personen uit het criminele milieu, maar dat dit niet betekent dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan strafbare feiten met deze personen. De omgang met deze personen zou hem niet kunnen worden aangerekend. Er zijn door Holleeder, volgens de rechtbank, meerdere malen tegenstrijdige verklaringen afgelegd. In deze strafzaak heeft hij zich meerdere malen beroepen op zijn zwijgrecht. Dit heeft de geloofwaardigheid van de verklaringen geen goed gedaan.

Op grond van het voorgaande komt de rechtbank tot de beslissing dat Holleeder zich schuldig heeft gemaakt aan de volgende feiten:

  • Deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven (art. 140 Sr).
  • Medeplegen van opzettelijke uitlokking van doodslag door beloften en het verschaffen  van inlichtingen.
  • Medeplegen van opzettelijke uitlokking van zware mishandeling door beloften en het verschaffen van middelen en inlichtingen.
  • Opzettelijke uitlokking van poging tot moord door beloften en het verschaffen van inlichtingen.

De rechtbank veroordeelt Holleeder dan ook tot een levenslange gevangenisstraf.

Lees ook: Levenslang voor Willem Holleeder