ECLI:NL:HR:2020:213 (Bedrog door werknemer bij sluiten arbeidsovereenkomst)

Hoge Raad, 7 februari 2020. Arbeidsovereenkomst is tot stand gekomen door bedrog werknemer (ECLI:NL:HR:2020:213)

Essentie

Werknemer heeft opleidingen en cursussen op zijn cv gezet die hij nooit heeft gevolgd. Hij valt bij zijn werkgever door de mand en wordt ontslagen. De werkgever vraagt om terugbetaling van het salaris, omdat de betaling zou berusten op een overeenkomst die buitengerechtelijk is vernietigd omdat deze onder invloed van bedrog tot stand is gekomen.

Rechtsregel

Dit arrest gaat over de vraag of een werkgever een arbeidsovereenkomst mag vernietigen met als reden dat die overeenkomst tot stand is gekomen door bedrog van de werknemer, en zo ja, of voor die vernietigbaarheid moet zijn voldaan aan het extra vereiste dat de arbeidsovereenkomst (vrijwel) geheel nutteloos is geweest. Ook moet de Hoge Raad de vraag beantwoorden of het salaris teruggevorderd mag worden.

De Hoge Raad antwoordt bevestigend. Normaliter moet de werkgever een vaststellingsovereenkomst aangaan of een ontslagprocedure voeren om een dienstverband te beëindigen. Salaris terugvorderen gebeurt bijna nooit. Echter, op het moment dat de arbeidsovereenkomst vanwege bedrog tot stand is gekomen, bijvoorbeeld – zoals in casu – op basis van een cv vol met leugens, dan is geen vaststellingsovereenkomst of ontslagprocedure vereist en kan het betaalde salaris worden teruggevorderd. Als de werkgever overigens voordeel van het dienstverband heeft gehad, hoeft mogelijkerwijs niet het gehele salaris te worden terugbetaald.

De werkgever kan bij soortgelijke gevallen een arbeidsovereenkomst buitengerechtelijk vernietigen. De werkgever wordt dan door art. 3:44 lid 1 en 3 BW beschermd tegen gevolgen van een onredelijke invloed die de werknemer heeft uitgeoefend op de wil van de werkgever. Het ontslagrecht heeft niet als doel de bescherming van een werknemer die bedrog pleegt bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst en dus staat het ontslagrecht een buitengerechtelijke vernietiging niet in de weg.

Inhoud arrest

Een directeur van een zorginstelling heeft in zijn cv onjuiste informatie opgenomen over werkervaring, opleidingen en een registratie in het BIG-register. Ook heeft hij slechte zorg verleend aan patiënten en waren zijn prestaties niet te vergelijken met de zaken die hij op zijn cv had staan. Dit viel op bij de werkgever en na goed te hebben rondgevraagd kwam hij erachter dat zijn werknemer helemaal niet de papieren had die hij op zijn cv had staan. Dit werd schriftelijk aan de werknemer bevestigd en hij werd uitgenodigd om opheldering te komen geven bij een algemene vergadering van aandeelhouders. De werknemer is niet komen opdagen. De werkgever is dan voornemens de arbeidsovereenkomst te ontbinden en het reeds betaalde salaris terug te eisen.

In eerste aanleg en in hoger beroep wordt dit afgewezen. De Hoge Raad is echter van oordeel dat als een arbeidsovereenkomst op basis van bedrog door de werknemer tot stand in gekomen, deze buitengerechtelijk ontbonden kan worden. De werkgever kan in een dergelijk geval het gewone ontslagrecht omzeilen.

De Hoge Raad vernietigt de uitspraak in hoger beroep, verwijst de zaak terug naar het hof en veroordeelt de werknemer tot betaling van de proceskosten in cassatie ten bedrage van ongeveer € 3.000,-.