ECLI:NL:HR:1999:ZC2977 (Geurtzen-Kampstaal)

HR Geurtzen/Kampstaal 01-10-1999, NJ 2000, 207

Gastartikel door Eline Breider, tweedejaars Rechtsgeleerdheid aan de Rijksuniversiteit Groningen

Essentie arrest
In het arrest Geurtzen-Kampstaal staat de kennisgeving van algemene voorwaarden centraal. Het gaat hier om de vraag of de wijze van terhandstelling zoals die is geregeld in art. 6:233 sub b jo. art. 6:234 BW limitatief is of dat ook andere omstandigheden meewegen bij de vraag of de algemene voorwaarden al dan niet vernietigbaar zijn.

Rechtsregel

In casu vroeg de rechter zich af of de wijzen die in art. 6:233 sub b jo. 6:234 BW worden genoemd met betrekking tot de mogelijkheden van kennisgeving van de algemene voorwaarden limitatief is.

Inhoud arrest
Geurtzen is aannemer en heeft met Heyman een aannemingsovereenkomst gesloten. Het ging hier om onder andere het plaatsen van een staalconstructie ten behoeve van een kap van een woning, in het algemeen het ombouwen van een bouwwerk. Vervolgens heeft Geurtzen met Kampstaal een overeenkomst gesloten en daarbij de activiteit uitbesteed aan Kampstaal. Die is hierbij onderaannemer. Ten tijde van het sluiten van de overeenkomst zijn de metaalunievoorwaarden van toepassing op de overeenkomsten. De voorwaarden zijn gedeponeerd ter griffie van de Rechtbank te Rotterdam en kunnen op verzoek van de wederpartij aan hem worden toegezonden. Geurtzen en Kampstaal hadden al eerder overeenkomsten gesloten en ook hierop waren bovenstaande voorwaarden van toepassing.

Nadat bij de uitvoering door Kampstaal ter plaatse de staalconstructie was geplaatst, bleek dat de stalen liggers te lang waren. De delen die over de rand van de kap van de woning heen staken, moesten worden verwijderd. De rieten kap was echter al geplaatst op de woning. Bij de verwijdering van een tweede balk, wat tegen de instructies indruiste, is gebruik gemaakt van een snijbrander als gevolg waarvan brand is uitgebroken.

Geurtzen wil Kampstaal veroordelen tot schadevergoeding geleden als gevolg van de brand. Kampstaal stelt echter dat hij zich kan beroepen op een exoneratiebeding uit de metaalunievoorwaarden. Primair stelt Geurtzen dat geen sprake is van toepassing van de metaalunievoorwaarden omdat dit niet tussen partijen is overeengekomen. Subsidiair doet hij een beroep op de vernietigbaarheid van de algemene voorwaarden nu deze niet voor of bij het sluiten van de overeenkomst aan hem uitdrukkelijk ter hand zijn gesteld.

De Hoge Raad stelt hier dat uit art. 6:234 lid 1 BW en de parlementaire geschiedenis blijkt dat sprake is van een limitatieve bepaling. In beginsel is het dus noodzakelijk om, op straffe van vernietigbaarheid, de wederpartij een redelijke mogelijkheid te bieden tot kennisneming van de algemene voorwaarden. Hier moet echter eveneens een redelijke uitleg worden gegeven aan dit artikel door recht te doen aan de maatstaven van redelijkheid en billijkheid die vernietiging onaanvaardbaar maken. Ook moet naar eerdere overeenkomsten en naar de wetenschap bij de wederpartij worden gekeken. De wederpartij kan zich niet op een exoneratiebeding beroepen indien hij ten tijde van het sluiten van de overeenkomst bekend was of geacht werd bekend te zijn met de toepassing van de algemene voorwaarden op de overeenkomst. In casu kunnen de algemene voorwaarden daarom niet worden vernietigd.

——————————————————————————-

Ook met een gastartikel op Het Rechtenstudentje verschijnen? Kijk dan hier voor meer informatie!