ECLI:NL:HR:1995:ZC1680 (Hollander’s Kuikenbroederij)

Hollander’s Kuikenbroederij, HR 24 maart 1995, NJ 1996, 158
(ECLI:NL:HR:1995:ZC1680)

Essentie
Indien iemand voor zichzelf een zaak vormt of doet vormen uit een of meer hem niet toebehorende roerende zaken, wordt hij eigenaar van de nieuwe zaak (art. 5:16 BW). Een eigendomsvoorbehoud op toekomstige nieuwe zaken is niet mogelijk.

Rechtsregel
Wanneer natuurkrachten planmatig en doelbewust worden ingezet om tot een nieuwe vorm te komen, is er sprake van zaaksvorming. Door het uitbroeden van een ei door middel van een gemechaniseerd proces, ontstaat derhalve een nieuwe zaak als bedoeld in art. 5:16 BW. Eieren en kuikens zijn verschillende zaken omdat een kuiken door het ei te verlaten een zodanige gedaantewisseling ondergaat dat een zaak ontstaat die naar verkeersopvattingen een eigen, van die van de oorspronkelijke zaak te onderscheiden, identiteit heeft. Iemand die een zaak doet vormen uit een niet aan hem toebehorende zaak, wordt eigenaar van de nieuwe zaak. Diegene die een eigendomsvoorbehoud heeft op geleverde eieren, wordt derhalve niet de eigenaar van de kippen. Een ‘verlengd’ eigendomsvoorbehoud op toekomstige nieuwe zaken is niet mogelijk. Dwingend recht verzet zich daartegen.

Inhoud arrest
In 1978 is er door de Rabobank een krediet verleend aan Hollander’s Kuikenboerderij. Hollander’s Kuikenboerderij heeft al haar tegenwoordige en toekomstige pluimvee in eigendom aan de Rabobank overgedragen tot zekerheid van terugbetaling van het krediet. Euribrid is leverancier van Hollander’s Kuikenboerderij en levert eieren onder eigendomsvoorbehoud, die vervolgens door Hollander’s Kuikenboerderij worden uitgebroed door middel van een gemechaniseerd proces. In 1985 gaat Hollander’s Kuikenbroederij failliet. De Rabobank eist de in het bedrijf aangetroffen kuikens als haar eigendom op. Euribrid eist betaling van de openstaande vorderingen op Hollander’s Kuikenbroederij, en vordert de kuikens terug krachtens haar eigendomsvoorbehoud. De Rabobank stelt echter dat de kuikens ten opzichte van de eieren nieuwe zaken zijn en zodoende niet onder het eigendomsvoorbehoud vallen.

De rechtsvraag die in deze zaak centraal staat, is of er sprake is van zaaksvorming en wie de eigenaar is van deze zaken.

De Hoge Raad oordeelt dat er door het uitbroeden van de eieren sprake is van zaaksvorming. Het gaat in het onderhavige geval om broedeieren, die door Euribrid aan Hollander’s Kuikenbroederij zijn afgeleverd. Voor de ontwikkeling van de zich daarin bevindende embryo’s tot kuikens is een broedproces nodig. Door de aflevering van de eieren heeft Euribrid Hollander’s Kuikenbroederij in staat gesteld de eieren bedrijfsmatig, in een gemechaniseerd proces, te doen uitbroeden. De behandeling van de eieren door Hollander’s Kuikenbroederij moet als een vorming van nieuwe zaken, te weten de kuikens, worden aangemerkt en de Rabobank is daardoor eigenaar van de kuikens geworden.

Dit is niet onbegrijpelijk in het licht van de gedingstukken waaruit naar voren komt dat voor het kunstmatig uitbroeden van eieren gedurende een periode van omstreeks drie weken een reeks van handelingen is vereist, te weten door de eieren in een of meer broedinstallaties te plaatsen, en daarin het natuurlijke broedproces na te bootsen door de eieren regelmatig van positie te veranderen en voorts door zorgvuldig de juiste temperatuur en vochtigheidsgraad in de broedinstallatie te bewaren.