ECLI:NL:HR:1981:AG4177 (Hofland/Hennis)

Hofland/Hennis arrest; HR 10-04-1981, NJ 1981, 532
(ECLI:NL:HR:1981:AG4177)

Door Austin Ellinor

Essentie
Dit arrest gaat over de interpretatie van artikel 6:217 lid 1 BW, die luidt als volgt: “Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en aanvaarding daarvan”. Maar wanneer is er nu sprake van een aanbod en wanneer komt dan een overeenkomst tot stand? De vraag in casu is of enkel aanvaarding van een aanbod in een advertentie genoeg is om een overeenkomst tot stand te laten komen.

Rechtsregel
In dit arrest werd bepaald, dat een huis te koop aanbieden in een woongids een uitnodiging is tot onderhandeling. In het algemeen moet het niet worden gezien als aanbod.

De Hoge Raad oordeelde:

Vooropgesteld moet worden dat een advertentie waarin een individueel bepaalde zaak voor een bepaalde prijs te koop wordt aangeboden, zich in beginsel niet ertoe leent door eventuele gegadigden anders te worden opgevat dan als een uitnodiging om in onderhandeling te treden, waarbij niet alleen prijs en eventuele verdere voorwaarden van de koop, maar ook de persoon van de gegadigde van belang kunnen zijn. Het antwoord op de vraag, wanneer, als inderdaad onderhandelingen volgen, de koop geacht moet worden tot stand te zijn gekomen en of dit wellicht moet worden aangenomen op grond van het uitblijven van een tijdige reactie op een uiting van de wederpartij dat volgens haar overeenstemming is bereikt, hangt in een zodanig geval niet daarvan af, of de advertentie als een vrijblijvend aanbod mocht worden opgevat.

Volgens de Hoge Raad is een advertentie waarin een individueel bepaalde zaak voor een bepaalde prijs te koop staat, slechts een uitnodiging tot onderhandeling oftewel een uitnodiging tot het doen van een aanbod. Er zijn namelijk meerdere factoren belangrijk bij zo’n grote koopovereenkomst als een huiskoop. Onderhandelingen op dit gebied, kunnen erg belangrijk zijn bij het overeenkomen van een koopovereenkomst.

Belangrijk is wel te vermelden, dat de Hoge Raad de mogelijk om een dergelijke advertentie uit te leggen als aanbod niet compleet heeft afgesneden. Zie bijvoorbeeld de woorden ‘in beginsel’ en de zin die daarop volgt. Zo houdt de Hoge Raad de deur nog wel op een kiertje.

Inhoud arrest
Hofland bood door middel van een advertentie in een woongids een huis tegen een bepaalde prijs te koop aan. Hennis zag de advertentie en aanvaardde het aanbod van Hofland. Vervolgens kwam Hofland er echter achter, dat het Hennis was die het huis wilde kopen. Hij kwam toen terug op zijn aanbod om het huis te verkopen. Hennis stelde zich echter op het standpunt, dat door zijn aanvaarding een koopovereenkomst tussen de twee was gesloten. Hofland was het hier niet mee eens.

Zowel de rechtbank als het hof oordeelde, dat er in casu sprake was van een vrijblijvend aanbod. Zij verschilden echter van mening wat betreft het rechtsgevolg van zo’n vrijblijvend aanbod. De rechtbank was van mening, dat er hier geen sprake was van een koopovereenkomst. Het hof meende echter, dat door aanneming van het vrijblijvende aanbod een overeenkomst tot stand was gekomen. Zij stelden Hennis in het gelijk.

Volgens de Hoge Raad berustte het oordeel van het hof op een onjuiste rechtsopvatting en was er in casu geen sprake van een koopovereenkomst. Hofland werd in het gelijk gesteld.