Uit het leven van een rechtendocent: Tentamen-bluf

Op veel universiteiten en hogescholen is het weer tentamentijd. Eerder berichtten we al over het prachtige email-steekspel tussen docent en student rondom deze heugelijke periode. Er valt echter ook wat te melden over het beantwoorden van de tentamenvragen zelf. Want wat doe je nu als je echt niet weet hoe je een vraag moet beantwoorden? Na jarenlang tentamenvellen met mijn rode pen gekastijd te hebben, ben ik inmiddels vrij goed op de hoogte van de beste tentamenbluf-technieken. Hier volgt een top 7 van de meest voorkomende gevallen.

  1. Het rookgordijn. Weet je ook niet bijna hoe je een tentamenvraag moet beantwoorden? Maak het je docent niet te makkelijk, en schrijf een vlammend lang (wat zeg ik: uitputtend lang!) betoog. Knal hier alles wat je weet over het onderwerp (of wat er op zijn minst aan zou kunnen relateren) in, en sier het op met hier en daar een mooi juridisch taalbruggetje. Zo’n docent heeft doorgaans ongeveer vijf tot tien minuten per tentamen nakijktijd (dus in de praktijk maximaal een minuut per vraag), dus de kans is zeer klein dat zij/hij gek genoeg is zich door die hele lap tekst heen te wurmen. Een beetje pragmatische docent geeft je op zijn minst wat punten voor de moeite.
  2. Onleesbaar handschrift. Maak je nog old school tentamens met pen en papier en heb je ook niet maar enigszins een idee waar de vragen grofweg over gaan? Maak gebruik van je lelijkste handschrift. Schrijf alsof je de dag ervoor zes liter tequila naar binnen hebt getikt, stijf hebt gestaan van witte poeder en per ongeluk met een rugbyteam in een taxi bent beland. Zorg er dan wel voor dat er hier en daar een juridisch woord leesbaar door je hanenpoten heen priemt. Die docent zal geen idee hebben wat er staat, maar ook niet kunnen zeggen dat je geen idee had wat er zou moeten staan. Bij een inzage kun je dan mooi de juiste antwoorden (die je inmiddels op je gemak hebt opgezocht) voor haar/hem vertalen. Tentamen in the pocket!
  3. De Walvis. Het is een klassieker. Maar je kunt het proberen. Teken gewoon eens een walvis.
  4. De charmante voetnoot. Wanneer je denkt dat het tentamen kantjeboord wordt: zorg voor een persoonlijke verdieping in een voetnoot. Garandeer dat de docent zich herinnert wie je bent. Refereer aan die ene intelligente vraag die je ooit stelde, of vraag hoe het met de kinderen is. Kinderen zijn sowieso een zwakke plek van veel docenten, dus misschien kun je laten doorschemeren nog een oude verzameling Brio-treintjes te hebben liggen die je anders echt weggooit. Wanneer je cijfer rond de vijf hangt, wordt het hoe dan ook een voldoende!
  5. Kraak het tentamen af. Docenten zijn trotse wezens. Raak ze op hun gevoelige plek. Omcirkel ieder detail wat taalkundig minder fraai is, en geef waar mogelijk vernietigende feedback waaruit je laat blijken zo ver boven de lesstof en de lesdidactiek te staan, dat het tentamen echt beneden je genialiteit is:
    – de vraagstelling is onduidelijk of voor verschillende uitleg vatbaar;
    – de inhoud van de vraag raakt niet de kern van de bestudeerde literatuur;
    – de hoeveelheid vragen is uit balans met de tentamentijd;
    – de inhoud van het tentamen komt niet overeen met wat de docent persoonlijk tegen je heeft laten doorschemeren (die doet het altijd goed en maakt ze erg nerveus).
  6. Saboteer het tentamen. Neem een bananenprakje mee, smeer hier en daar wat klodders op het tentamenvel, en schrijf bovenaan het tentamen dat je ondanks je buikgriep toch het tentamen hebt proberen te maken. Eens kijken wat die docent doet….
  7. De gelukwens. Wat ook altijd goed werkt is de docent wat toewensen onderaan het tentamen, afhankelijk van hoe je pet erbij hangt die dag. Formuleer de wens dusdanig dat je door de regels heen laat doorschemeren totale berusting te hebben in het feit dat je het tentamen vast niet haalt, maar wel zo ontzettend volwassen bent dat je die docent toch wat toewenst. Denk daarbij aan het wensen van een fijne vakantie, een goed weekend, een fijn leven, sterkte met het verwijderen van die vervelende aambeien…iets waardoor zij/hij net die motivatie krijgt om dat ene tiende puntje erbij te geven!