Uit het leven van een rechtendocent: de natte bever

Eerder schreef ik over tien epische taalkundige bloopers die studenten in hun communicatie richting hun docent hadden gemaakt. Het is tijd om schoorvoetend ook de hand in eigen boezem te steken. Hoewel veel studenten daar aan twijfelen, is een rechtendocent ook maar een mens. Dat betekent dus ook dat je soms dingen doet die niet zo handig zijn. Hier een compilatie van tien eigen bloopers.

  1. Wat eten we vanavond schatje? Toen ik nog niet zo lang in functie was, wist ik ook nog niet zo goed hoe de ICT van mijn werkgever werkte. Mijn vrouw (toen nog vriendin) werkt voor dezelfde werkgever en dus kunnen we via een soort interne chatbox met elkaar communiceren. Dan komen er ook wel eens wat minder zakelijke dingen voorbij, zoals een discussie over het avondeten. Helaas had ik niet in de gaten dat deze chatbox ook gewoon aanspringt tijdens een hoorcollege. Ongeveer 120 studenten konden dus zien dat mijn vrouw zich afvroeg wat we zouden eten die avond, hoe het op mijn werk was en waarom ik toch niet reageerde.
  2. De Lollige Limburger. Ik ben een Brabander en maak dus soms wel eens een grap over Limburgers. Dat valt natuurlijk niet goed te praten, maar het gebeurt. Mijn excuses. En meestal wordt er dan ook wel wat gelachen in mijn collegezaal, zeker wanneer ik over de Limburgeringscursus begin of studenten van buiten de EU wijs maak dat Limburg een apart land is tussen Duitsland en Nederland. Dat gaat vaak best goed. Op een keer na, bij een Nederlandstalig college. Toen bleef het doodstil. Tot mijn ontsteltenis waren de klassen per postcode ingedeeld dat jaar en was ik dus de enige Niet-Limburger in het lokaal.
  3. Familie van… Daarnaast moet een niet nader te noemen Nederlandse volkszanger het vaak ontgelden in mijn tentamens. Hij verslikt zich nogal eens in zijn microfoon en belandt nogal eens op een BBQ. Daar stel ik dan juridische vragen over in de sfeer van productaansprakelijkheid of de onrechtmatige daad. Hartstikke ludiek bedoeld, maar lullig als je dan net een ver familielid les blijkt te geven. Na afloop van een college vroeg de student ik kwestie: ‘heb je even voor mij?’
  4. 50 keer opdrukken! Een student kwam erg vaak te laat. Ik hem heb ooit gedreigd dat hij als hij dat nog eens deed voor straf 50 keer moest opdrukken, anders mocht hij niet naar binnen. Tot mijn grote verbazing kwam hij de keer erop veel te laat met een grijns binnen, om vervolgens in rap tempo vijftig keer op te drukken. Hij ging nogal vaak naar de sportschool en het was voor hem een makkie. Beetje jammer dat ik door een file de keer erop zelf te laat binnenkwam…
  5. Smurfen. Ik gebruik voor aanbiedingen en enquêtes een emailadres dat ik heb sinds mijn middelbare school-periode. Daarin komt onder meer de woorden smurf en hotmail in voor. Aan mijn I-phone heb ik dus mijn zakelijke- en dat hotmailadres gekoppeld. Wanneer je de instellingen niet helemaal goed in de gaten houdt, kan het dan dus zijn dat je een mail van een student via je I-Phone even snel beantwoordt, maar dan dus wel met je smurfenaccount.
  6. De slappe lach. Je zou hem verwachten bij giechelende tieners. Maar hij komt ook voor bij rechtendocenten. Ik heb wel eens een college moeten stopzetten omdat ik er niet meer uit kwam. Met lood in mijn schoenen heb ik een nieuw college aangevraagd en bij reden ‘slappe lach docent’ ingevuld.
  7. Goedkope schoenen. Ik kocht ooit nette zwarte schoenen bij een of andere dumpstore voor 15 Euro. Ik moest assessments afnemen, strak in pak. Dat is wel zo netjes, omdat veel familie komt kijken, maar bij ons ook vaak vertegenwoordigers van de stagebedrijven in kwestie. Zonder al te veel nadenken deed ik die schoenen onder mijn pak aan. Beetje jammer dat ik het schreeuwende prijsje met het aankoopbedrag erop was vergeten te verwijderen.
  8. De natte bever. Voor een van mijn boeken was ik op zoek naar de Engelse vertaling van Beverwet. Helaas denkt google aan hele andere dingen wanneer je zoektermen ‘beverwet’ en ‘English’ zijn. Een ‘wet beaver’ is een term die nogal eens in een pornografische hoek gebruikt wordt. Ik heb nog nooit zoveel vunzigheid op mijn beeldscherm zien staan. Jammer dat we een open werkplek hebben en velen achter mij deze digitale escapade hebben mogen bewonderen.
  9. De kroeg. Verboden terrein voor docenten. Je komt er altijd wel een student tegen. Wat je ook doet: de student in kwestie is altijd verbaasd over het feit dat je ook een sociaal leven hebt en denkt altijd dat je helemaal bezopen bent omdat je geen juridische taal uitslaat. Dat een docent gewoon even een biertje komt drinken en daarna weer zonder al te veel toestanden naar huis gaat komt meestal niet in ze op. Het wordt nog erger wanneer ze een selfie met je willen maken.
  10. Hallo meneer Wernaart! Ik geef jaarlijks aan honderden studenten les. Dat doe ik al gauw zo’n 12 jaar. De kans ik dus klein dat ik ze allemaal onthoud. Pijnlijk is het dan wanneer een oud-student me met open armen amicaal begroet en ik werkelijk geen idee heb waar ik hem of haar van moet kennen. De truc is dan overigens door net zo amicaal terug te groeten en wat slimme sociaal wenselijke vragen te stellen om erachter te komen hoe de vork in de steel zit. Inmiddels ben ik daar aardig bedreven in.

Heb jij nu ook wel eens een blunderende docent van dichtbij meegemaakt? Laat het ons weten (maar ben wel een beetje lief, we zijn zoals gezegd net mensen).