Monddood.

Een tijdje geleden haalde ik uit na de uitspraken om een raadgevend referendum niet in overweging te nemen. Ik wrijf sindsdien in mijn handen wanneer we een tenenkrommend idee van onze leiders voorgeschoteld krijgen. De voorspellingen hebben dan ook een storm van vragen en gefronste wenkbrauwen tot gevolg. Waar het volk middels een referendum om opklaring vraagt, hopen de politici ook op een opklaring. Het volk wil helderheid, de politici echter slechts weersverbetering.

Ik neem niet bepaald een blad voor mijn mond inzake zaken die mij de mond willen doen snoeren. Ik sterf geen makkelijke monddood en met mij miljoenen Nederlanders. Nu er plannen zijn om de referendumwet in het geheel af te schaffen, zal ik dat weer laten. Noem me groen wanneer ik het navolgende claim. Maar het is een gitzwarte bladzijde in het geschiedenisboek van de Nederlandse democratie wanneer de wet daadwerkelijk tot de geschiedenis zal behoren. Dus, mevrouw de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, waarom?

Mevrouw Ollongren voert drogredenen aan die kant noch wal raken. Ze drijven maar wat, ongefundeerd en afhankelijk van de stroming. Met een flinke tegenstroming wordt haar het hoofd geboden. Ze vindt namelijk dat eerdere referenda zoals die over de Sleepwet en het Oekraïnereferendum een te lage opkomst genereerden. Ik houd mijn lach binnensmonds in: hebben we het hier over een festival of concert? Wat is het volgende? Dat we maar niet meer naar de stembussen mogen gaan, omdat we een bepaalde quotum niet meer halen? Gelukkig heeft ze een meer inhoudelijk argument in dezen. Ze vindt de gemeenteraad namelijk een meer geschikte laag om de burgerinspraak in te verhogen. Prima, eensch, maar staat er een limiet op burgerinspraak? Een weegschaal die in evenwicht moet blijven en het daarom geboden is om te schuiven en te verplaatsen in plaats van toe te voegen? In tegendeel mevrouw de Minister, uw toedoen zorgt juist voor onevenwichtigheid.

“Stem en zwijg!” zal voortaan bovenaan de stembiljetten moeten komen te staan. Kies iemand die je als leider ziet en klaar is Kees. Blindelings vertrouwen met een mogelijkheid om eens in de vier jaar middels een ander geplaatst vinkje aan te geven dat je wel of niet tevreden bent. De genocide van de volksmond. Probeer een andere weg te bedenken via waar wij onze gekozen politici in toom kunnen houden. We zijn afhankelijk van de weerstand die zij krijgen binnen dezelfde muren van de Eerste en Tweede Kamer. De ironie is zonneklaar. Je stemt bijvoorbeeld D66. Zij stellen een wetsvoorstel voor die haaks staat op hetgeen jij en duizenden andere kiezers D66 om hebben gekozen en uiteindelijk ben je afhankelijk van hoe goed de PVV en FVD zich in de rol van de oppositie verzet bieden.

Mevrouw Ollongren geeft zichzelf de plicht om ‘de vinger aan de pols te houden’. Hetgeen een citaat is. Ik hou van wat gezonde ironie, maar de lol zit in het zien van de verborgenheid ervan. Dat pleziertje wordt mooi verstopt, want het is flagrant en onbetwistbaar. Ze slipt de aderen die de pols doen kloppen dicht. De democratische toevoer binnen het Nederlandse regeringslichaam wordt door haar, zijnde een onderdeel van een belangrijk orgaan, geremd. Haar standpunt, argumenten en dit hele voorstel zijn als hardnekkige cholesterol. Een verstikking. Eén hand op de pols en één op de mond. Monddood.